Dubbel bijzonder

Dubbel bijzonder hoogbegaafde kinderen

 

Begaafde leerlingen met een leer- of ontwikkelingsstoornis noemen we twice-exceptionals of dubbel bijzondere leerlingen. Hoogbegaafdheid verwijst naar het potentieel van de leerling waarbij het ontwikkelingsproces kan leiden tot uitblinken in een of meerdere domeinen. Dit ontwikkelingsproces wordt beïnvloed door verschillende zaken, waaronder: het systeem van de leerling, veranderlijke persoonskenmerken (zoals motivatie) en onveranderlijke persoonskenmerken zoals bij voorbeeld een leer- of ontwikkelingsstoornis. 

Zodra er sprake is van een leer- of ontwikkelingsstoornis levert dit voor een leerling in meer of mindere mate problemen op met het verwerken van informatie, het verwerven van kennis en het ontwikkelingen van vaardigheden binnen het domein van de stoornis. Daardoor zal de leerling binnen dat domein veelal minder goede prestaties halen dan wanneer de leerling niet gehinderd zou zijn door de stoornis. In domeinen die sterk leunen op het domein van de stoornis zullen ontwikkeling en prestaties eveneens negatief beïnvloed worden. Denk bijvoorbeeld aan de gevolgen van dyslexie binnen het rekenonderwijs maar ook aan de gevolgen van bijvoorbeeld ASS bij een vak als begrijpend lezen. 

Wat echter minder bekend is, is dat begaafde leerlingen in hun ontwikkeling belemmerd kunnen worden door een leer- of ontwikkelingsstoornis, net als bij alle andere leerlingen het geval kan zijn.

HOOGBEGAAFD EN EEN LEER- OF GEDRAGSSTOORNIS

DUBBEL BIJZONDERE LEERLINGEN

Dubbel bijzondere kinderen kunnen in drie groepen onderscheiden worden. In de eerste plaats zijn er leerlingen waarbij de begaafdheid de stoornis maskeert. In hun gedrag worden vooral kenmerken van hoogbegaafdheid herkend. De schoolse prestaties blijven echter vaak achter bij de verwachting die de omgeving van hen heeft op grond van de herkende begaafdheidskenmerken.  Vaak wordt echter gezien dat de prestaties nog op of rond het groepsgemiddelde liggen, waardoor problemen vaak worden toegeschreven aan een gebrek aan uitdaging.   Daardoor worden deze leerlingen ten onrechte vaak aangezien voor onderpresterende leerlingen.

Daarnaast zijn er leerlingen waarbij de stoornis juist de begaafdheid zelf maskeert. Bij deze leerlingen levert de stoornis zoveel belemmeringen op dat niet herkend wordt dat de leerling ook begaafd is en een hoog ontwikkelingspotentieel heeft. De leer- en/of gedragsproblemen zijn zo groot dat deze niet door de aanwezige begaafdheid gecompenseerd kunnen worden.  Het gedrag staat bij deze leerlingen dan vaak ook op de voorgrond.

Ten slotte zijn er leerlingen waarbij de zowel begaafdheid en stoornis elkaar maskeren. Dat zijn de begaafde leerlingen met een leer- of ontwikkelingsstoornis waarbij de intelligentie en de stoornis elkaar als het ware opheffen, waardoor de leerling een ‘gemiddelde’ leerling lijkt te zijn. Vaak zijn dit de leerlingen die buiten beeld blijven van bijvoorbeeld een leerkracht of zorginstantie. 

In alle bovenstaande gevallen geldt dat deze leerlingen veel tekortkomen op school en dat niet alleen de combinatie van dubbel bijzonder zijn, maar vooral het ontbreken van passende interventies op school en thuis grote gevolgen heeft voor hun ontwikkeling.

DUBBELE DIAGNOSES, FOUTE DIAGNOSES?

MISVATTINGEN EN MISDIAGNOSES

Bij kinderen met het vermoeden van hoogbegaafdheid of dubbel bijzonder ontstaan snel misdiagnoses en gemiste diagnoses. Een hardnekkige overtuiging, die ook vandaag de dag nog heerst, is dat je niet hoogbegaafd kunt zijn en daarnaast een leerbelemmering of stoornis kunt hebben. Het bestaan van dubbel bijzondere kinderen, blijkt voor degenen die bij ‘hoogbegaafd’ alleen denken aan hoge cijfers op school halen en voorbeeldig gedrag, soms nog moeilijk te begrijpen. Deze misvatting vloeit helaas voort uit gebrek aan kennis, een eenzijdige blik en niet goed weten welke behoefte het kind nodig heeft. Het leidt echter tot veel onbegrip, frustratie, verkeerde inschattingen of misdiagnoses. Hieronder bespreken we graag een aantal veelvoorkomende reeds gestelde misdiagnoses die wij tegen komen in onze praktijk. 

OVEREENKOMSTEN EN VERSCHILLEN

MISDIAGNOSE HOOGBEGAAFDHEID EN AUTISME

Kinderen met autisme en hoogbegaafde kinderen vertonen veel overeenkomsten. Autisme is dan ook één van de grootste misdiagnoses bij hoogbegaafdheid.  Kinderen met autisme vinden het belangrijk dat alles eerlijk en rechtvaardig verloopt. Regels geven hen duidelijkheid en structuur, waardoor ze hier graag aan vasthouden. Wanneer anderen zich niet aan de regels houden schept dit onduidelijkheid en zullen ze hier iets van zeggen. Hoogbegaafde kinderen vinden het vooral belangrijk dat alles eerlijk verloopt, vanwege hun grote rechtvaardigheidsgevoel, waardoor ze soms ook rigide kunnen zijn. Hoogbegaafde kinderen zullen hier meer emotioneel betrokken bij zijn, waarbij het bij kinderen met autisme meer dwangmatig is. 

Hoogbegaafde kinderen hebben ook een kritische instelling en ze zijn perfectionistisch. Dat perfectionisme kan er voor zorgen dat kinderen met hoogbegaafdheid graag willen weten waar ze aan toe zijn, zodat ze de taak zo goed mogelijk kunnen doen. Hoogbegaafde kinderen kunnen namelijk door hun creatieve denkvermogen zo veel verschillende antwoorden geven op een vraag, dat ze graag weten wat er precies van hen verwacht wordt. Ook kinderen met autisme willen weten waar ze aan toen zijn, omdat zij een grotere behoefte hebben aan structuur en duidelijkheid; voor hen zijn dit handvaten. Dit kan zich uiten in het stellen van vele vragen, op zoek naar deze duidelijkheid. De kritische instelling zorgt er bij hoogbegaafde kinderen voor dat ze het moeilijk vinden om zich naar andermans denken te conformeren. Ook kinderen met autisme volgen vaak hun eigen gedachtenspoor en vinden het lastig daarvan af te wijken. Beide groepen willen hun aandacht graag richten op wat zij belangrijk vinden.

Zowel kinderen met autisme als hoogbegaafdheid nemen de wereld anders waar. Deze kinderen hebben minder stimulans nodig om een reactie te ontlokken en reageren vaak langduriger en intenser. Kinderen met autisme nemen de wereld gefragmenteerd waar, waardoor ze niet altijd het overzicht hebben. Daarnaast hebben kinderen met autisme meer moeite met het verwerken van zintuigelijke prikkels, waardoor ze eerder overprikkeld kunnen raken dan andere kinderen. Deze sensorische prikkelgevoeligheid zorgt er ook bij hoogbegaafde kinderen voor dat zij vaker last hebben van hard geluid, fel licht, geuren of bepaalde texturen en smaken in het eten. Ook bij hoogbegaafde kinderen komen deze prikkels intenser binnen, waardoor ze in sommige gevallen moeite hebben deze prikkels te moduleren. 

Naast de bovenstaande kenmerken zijn sociale vaardigheden een gebied waar zowel kinderen met autisme als hoogbegaafde kinderen moeite mee kunnen hebben. Kinderen met autisme hebben het vaak lastig met de sociale omgangsnormen en hoogbegaafde kinderen missen vaak de aansluiting bij leeftijdsgenoten. Hoogbegaafde kinderen zien echter in wat voor invloed hun gedrag op een andere kan hebben, terwijl kinderen met autisme zich daar niet bewust van zullen zijn. Daarnaast hebben hoogbegaafde kinderen vaak een sterk inlevingsvermogen (emotionele prikkelgevoeligheid) en hebben kinderen met autisme daar meer moeite mee. Zowel kinderen met autisme als hoogbegaafde kinderen kunnen zich echter anders voelen en buiten de groep staan.

Het verschil valt zich vooral te verklaren in: 

Een hoogbegaafd kind… 

  • beschikt over een rijke fantasie en kan zich goed inleven
  • heeft brede belangstelling en kennis en kan deze ook toepassen.
  • heeft moeite met veranderingen: voornamelijk vanwege het gebrek aan overzicht
  • de taalontwikkeling is vaak vergevorderd; het kind komt ‘wijs’ over
  • heeft oog voor details, maar verliest het zicht op het geheel niet 
  • kan langdurig met een onderwerp bezig zijn; zoekt verdieping
  • staat vaak alleen, wordt vaak niet begrepen
  • werkt bij voorkeur alleen omdat het niveau van de anderen aansluit
  • heeft soms moeite met planning vanwege de vele ideeën
  • heeft moeite met communicatie wanneer hij zich niet bij ontwikkelingsgelijken bevindt

Een kind met autisme …

  • beschikt over weinig verbeelding en inlevingsvermogen
  • heeft theoretische kennis, maar kan de kennis niet toepassen.
  • heeft moeite met veranderingen
  • vertoont aangeleerd gedrag 
  • ziet enkel details en kan de context niet begrijpen
  • kan eindeloos herhaling zoeken in een onderwerp, zonder verdieping
  • heeft moeite met het aanvoelen en interpreteren van sociaal gedrag 
  • kan zich moeilijk verplaatsen in een ander en kan dus moeilijk samenwerken.
  • heeft moeite met ordening en kan hoofdzaken niet van bijzaken onderscheiden
  • communiceert niet vlot en er is onvoldoende  wederkerigheid

OVEREENKOMSTEN EN VERSCHILLEN

MISDIAGNOSE HOOGBEGAAFDHEID EN ADHD

Naast autisme is ADHD ook een misdiagnose die we vaak zien bij hoogbegaafde kinderen. Rusteloosheid, onoplettendheid, erg energiek zijn of dagdromen zijn zaken die bij hoogbegaafde kinderen vaak voorkomen en tevens allemaal kenmerken zijn van ADHD. 

Onoplettendheid is een kenmerk van ADHD en wordt ook gezien bij hoogbegaafde kinderen in situaties waarin ze zich vervelen of ze aan het dagdromen zijn. Bij kinderen met ADHD wordt daarnaast vaak gezien dat ze hun aandacht niet bij een taak kunnen vasthouden. Dit gedrag komt ook bij hoogbegaafde kinderen voor als ze de relevantie van een taak niet inzien. Kinderen met ADHD vinden het verder lastig om zich aan regels en aanwijzingen te houden. Hoogbegaafde kinderen stellen regels en tradities ter discussie. Daarnaast kunnen hoogbegaafde kinderen met een sterke sensorische intensiteit net als kinderen met ADHD snel afgeleid raken door externe prikkels.  Hoogbegaafde kinderen kunnen door hun beeldende intensiteit zo sterk aan het dagdromen zijn en in hun eigen wereld zitten, waardoor ze niet hebben gehoord wat er gezegd werd en dus niet reageren. Verder wordt het niet uitvoeren van opdrachten ook als kenmerk van ADHD gezien. Hoogbegaafde kinderen vinden het bijvoorbeeld niet nodig om alle stappen op te schrijven of stellen een opdracht ter discussie.

Op sociaal gebied kunnen ook problemen voorkomen. Kinderen met ADHD die zowel onoplettend als impulsief zijn, lijken vaak agressiever en zijn minder constant in hun contacten. Bij hoogbegaafde kinderen kan het voorkomen dat ze anderen te veel verbeteren, waardoor ze betweterig overkomen en hierdoor worden afgewezen. Ze vinden weinig aansluiting, omdat hun interesses en niveau van discussiëren niet overeen komen met die van hun leeftijdgenoten. Hierdoor kunnen beide kinderen afgewezen worden door leeftijdgenoten.

Tot slot is er bij een aantal hoogbegaafde kinderen sprake van een psychomotorische intensiteit, waardoor ze veel energie hebben, snel praten en weinig behoefte hebben aan slaap. Met name bij deze kinderen is het risico op een misdiagnose groot. Deze symptomen kunnen dus bij zowel hoogbegaafde kinderen als kinderen met AHDH voorkomen. Het is daarom belangrijk om te kijken wat de oorzaak van dit gedrag is, omdat de behandeling van beide problemen heel anders is.

Een hoogbegaafd kind heeft géén AD(H)D als

  • de gedragsproblemen pas ontstaan zijn wanneer het kind naar school ging.
  • het kind, afhankelijk van de interesse, zich toch op taken kan concentreren, terwijl het bij andere taken bewust de aandacht laat verslappen.
  • het kind in staat is zich langdurig te concentreren op uitdagende taken ook als er geen beloning tegenover staat.
  • het kind zich niet bewust is van de omgeving tijdens een taak waarvoor het zich interesseert.
  • het kind makkelijk afgeleid raakt bij niet-interessante taken en hierbij andere niet probeert te storen.
  • het kind eerst even nadenkt en dan een weloverwogen antwoord geeft wanneer het wordt aangesproken.
  • het kind toch meteen antwoord geeft, maar deze antwoorden meestal wel correct zijn.
  • het kind opzettelijk taken uitstelt of niet afmaakt, voornamelijk bij taken waarbij uit het hoofd dient geleerd te worden.
  • het onderbreken van andere mensen bedoeld is om anderen te behoeden voor het maken van fouten.
  • het kind makkelijk van de ene naar een andere, nieuwe, maar even interessante taak kan overgaan.
  • het kind slaagt voor aandachtstesten en de aandacht zelfs kan verhogen indien het voldoende gemotiveerd is.
  • het kind, indien het toch wordt afgeleid, zich snel weer tot de taak kan wenden.

Overeenkomsten tussen ADD en hoogbegaafdheid

  • Beide hebben moeite met aandacht vasthouden
  • Soms handelen deze kinderen zonder eerst na te denken
  • Ze hebben moeite met volhouden en doorgaan met bepaalde taken
  • Ze hebben moeite met opvolgen van regels
  • Ze kunnen heel druk zijn of net heel stil en dromerig
  • Ze hebben problemen met sociale vaardigheden en omgang met anderen
  • Er kunnen bij allebei leerproblemen optreden en onderpresteren

Overeenkomsten tussen ADHD en hoogbegaafdheid

  • De kinderen hebben veel energie, friemelen veel en zijn impulsief
  • Beide gaan vaak onderpresteren
  • Er is dikwijls zeer veel boosheid en frustratie aanwezig, ze reageren emotioneel en humeurig
  • Ze kunnen heel individualistisch ingesteld zijn, onaangepast en koppig genoemd worden
  • Ze zijn veelal niet georganiseerd, zijn slordig en hebben een slecht handschrift
  • Er is chaos in hun hoofd waardoor ze vergeetachtig, afwezig zijn of dagdromen
  • De aandacht voor details is miniem

MISVATTINGEN

HOOGBEGAAFD EN DYSLEXIE / DYSCALCULIE

Dyslexie en dyscalculie staan staan los van intelligentie en er is dus geen verschil met beneden gemiddeld of gemiddeld begaafde kinderen bij het vaststellen van deze leerstoornissen. Hoogbegaafde kinderen kunnen hun uitval op onderliggende cognitieve factoren, zoals fonologisch bewustzijn en benoemsnelheid niet compenseren. Er wordt daarom geen reden gezien om anders om te gaan met hoogbegaafde kinderen bij het stellen van een diagnose dyslexie. Sterker nog; 1 – 5 % van de leerlingen met een leerstoornis zoals dyslexie of dyscalculie is hoogbegaafd! Vaak voldoen deze kinderen niet aan de standaard protocollen om in aanmerking te komen voor een vergoed onderzoek vanuit gemeenten en/of school, waardoor deze kinderen vaak buiten de boot vallen. Echter een gemiddelde prestatie bij een hoogbegaafde leerling zou al voldoende moeten zijn om problemen te vermoeden! 

Dubbel Bijzonder

Onze mogelijkheden:

  • Onderzoek naar Dubbel Bijzonder
  • Behandeling 
  • Consultatie
  • Psycho-educatie
  • Leren leren met uitdagingen
  • Remedial Teaching
  • COMET voor een negatief zelfbeeld
  • Ouder-coaching
  • Trainingen en Workshops
  • En nog veel meer …

Onze praktijk

Onze praktijk is gevestigd in Monster en in ‘s Gravenzande. Wij helpen kinderen, jongeren en (hun) ouders uit o.a. Naaldwijk, Hoek van Holland, Maassluis, Maasland, De Lier, ‘s-Gravenzande, Wateringen, Monster, Kwintsheul, Honselersdijk, kortom het hele Westland. Binnen onze regio horen ook Delft, Den Hoorn, Pijnacker en Den Haag. Ook als u buiten deze gemeenten woont, helpen wij u vanzelfsprekend graag. U kunt bij ons terecht voor diagnostiek, behandeling, advies en begeleiding bij onder andere autisme, ADHD en ADD, dyslexie en hoogbegaafdheid.

Vereniging van Orthopedagogen
SKJ_logo